De Hongaarse premier Viktor Orbán heeft tijdens de slepende
ruzie over de aanvoer van
olie via
Oekraïne gezegd dat hij belangrijke goederen die naar Oekraïne gaan, tegenhoudt. Hij zei in een gesprek met de publieke omroep dat hij de goederen tegenhoudt zolang het buurland de aanvoer van Russische olie via de Droezjba-oliepijpleiding blokkeert.
De minister van Buitenlandse Zaken van Oekraïne Andri Sybiha heeft
Hongarije ervan beschuldigd zeven Oekraïners "in gijzeling te hebben genomen". Het zijn werknemers van een geldtransport voor de Oekraïense centrale bank die in twee gepantserde auto's onderweg waren van Oostenrijk naar Oekraïne. Oekraïners wordt nu aangeraden niet naar Hongarije te reizen.
Misdaad
Volgens de Oekraïense bewindsman is dit een misdaad. "Hongarije steelt geld en neemt gijzelaars", aldus Sybiha. Volgens Hongaarse media zou het om een strafrechtelijk onderzoek gaan naar een groot transport van miljoenen dollars, euro's en goudstaven geleid door een voormalige generaal van de Oekraïense geheime dienst.
Oekraïne zegt dat de Droezjba-pijpleiding als gevolg van een Russische aanval zwaar is beschadigd. De leiding is volgens de Oekraïense president Volodymyr Zelensky mogelijk nog vier tot zes weken buiten bedrijf voor de noodzakelijke reparaties. Orbán meent dat Zelensky hem met het stilleggen van de olieaanvoer probeert te chanteren.
Blokkade
Hongarije blokkeert in de Europese Unie de goedkeuring van een lening van 90 miljard euro aan Kyiv als gevolg van het conflict over de pijpleiding. Hongarije is voor zijn energie aangewezen op veel olie uit Rusland, net als Slowakije dat ook protesteert tegen het uitvallen van de aanvoer.