De concurrent van het biertje komt niet alleen uit het frisdrankschap, maar ook uit de apotheek.
Heineken waarschuwt Britse kroegen dat de opmars van medicijnen als
Ozempic en Wegovy hun omzet kan raken. Gebruikers hebben mogelijk minder trek in alcohol, zitten eerder vol en bestellen minder rondjes. Dat blijkt uit een presentatie van de brouwer die persbureau
Reuters heeft ingezien.
Heineken stuurde de presentatie deze maand aan Britse horecaklanten. De boodschap: pas je aanbod aan, anders dreigen minder bezoek en lagere bestedingen. Vooral de traditionele avond waarop klanten meerdere pints achter elkaar drinken, kan onder druk komen te staan. De brouwer adviseert kleinere glazen, alcoholarme en alcoholvrije alternatieven en drankjes in combinatie met kleine gerechtjes.
Minder zin in een biertje
De zorgen draaien om GLP-1-medicijnen, de categorie waartoe
Ozempic en Wegovy behoren. Ozempic is een diabetesmedicijn dat ook bekend werd vanwege gewichtsverlies. De gevolgen van het groeiende gebruik reiken volgens Reuters inmiddels verder dan de voedingsindustrie: ook alcoholproducenten moeten rekening houden met veranderend consumentengedrag.
Dat gaat niet uitsluitend om mensen die bewust calorieën tellen. Gebruikers die Reuters sprak, beschreven ook dat alcohol hun minder goed beviel of dat de behoefte eraan simpelweg was verdwenen. Tien van de elf geïnterviewde gebruikers zeiden minder te drinken. Die kleine groep is geen representatieve steekproef, maar past bij signalen uit grotere consumentenonderzoeken.
Onderzoeker Joseph Schacht van de University of Colorado Anschutz wijst daarnaast op een mogelijk effect op de motivatie om alcohol te drinken. Hij leidde een gerandomiseerd onderzoek bij mensen met een alcoholgebruikstoornis. Volgens hem laten klinische studies bij deze groep minder trek in alcohol en een lagere consumptie zien. Daarmee staat nog niet vast hoe sterk het effect onder alle bierdrinkers zal zijn.
Lagere bestedingen aan bier
Marktonderzoeker Circana volgde tussen 2024 en 2026 Amerikaanse huishoudens met een GLP-1-gebruiker. Na twee jaar gebruik lagen hun maandelijkse alcoholbestedingen ongeveer 7 procent lager dan die van huishoudens zonder gebruiker. Bij bier bedroeg het verschil ongeveer 13,5 procent. Het onderzoek keek naar uitgaven voor zowel thuisconsumptie als buitenshuis drinken.
Die cijfers zijn geen voorspelling van de omzetdaling die Heineken te wachten staat. Het gaat om Amerikaanse huishoudens en om bestedingen, niet rechtstreeks om wereldwijd verkochte liters bier. Maar ze maken wel duidelijk waarom brouwers het onderwerp serieus volgen.
Kleinere glazen als antwoord
Heineken benadrukt tegenover Reuters dat gebruikers alcohol niet volledig laten staan. Ze zouden vaker kiezen voor kleinere hoeveelheden, een lager alcoholpercentage en duurdere producten. Volgens de brouwer sluit het eigen assortiment daarop aan. Het bedrijf blijft volgen hoe het drinkgedrag zich in 2027 ontwikkelt.
Toch is de omschakeling niet vanzelfsprekend. In Britse pubs, bars en restaurants was bier in het jaar tot februari 2026 goed voor bijna 14 miljard pond omzet. Alcoholvrij en alcoholarm bier vertegenwoordigden daarvan nog geen 300 miljoen pond, blijkt uit een rapport van Heineken UK. Bovendien bezit Heineken in Groot-Brittannië meer dan 2.000 pubs: veranderend cafébezoek raakt het bedrijf dus op meerdere manieren.
De medicijnen komen boven op bestaande tegenwind. In verschillende grote markten staat de alcoholverkoop al langer onder druk doordat consumenten om gezondheidsredenen of vanwege de kosten minder drinken. Hoe groot de extra invloed van GLP-1-middelen wordt, is nog onzeker. Concurrent Carlsberg vindt dat de beschikbare gegevens nog niet aantonen dat deze medicijnen een duidelijke aanjager van de veranderende bierconsumptie zijn. Heineken wacht dat debat niet af en adviseert kroegen hun aanbod alvast aan te passen.