Oud en nieuw als oorlogsnacht: wat zegt dit nog over Nederland?

Samenleving
vrijdag, 02 januari 2026 om 6:52
ANP-546129419
Oudjaar, de typisch vaderlandse traditie. De nacht die bedoeld is om het jaar hoopvol te beginnen, eindigde weer als een soort binnenlandse oorlog. Straten vol vuurwerkrook, opgefokte groepen jongeren, sirenes die niet meer lijken op te houden. Oud en nieuw voelt in steeds meer wijken niet als een feest, maar als een test voor de vraag hoeveel agressie de samenleving nog kan verdragen.
De cijfers van politie en hulpdiensten laten zien dat dit geen incident is, maar een patroon. In de jaarwisseling 2024-2025 registreerde de politie 8.292 aan oud-en-nieuw gerelateerde incidenten, terwijl 224 politiemensen en 44 andere hulpverleners slachtoffer werden van fysiek geweld. In de officiële rapportage noemt korpschef Janny Knol dat “we echt de verkeerde kant opgaan” met het geweld tegen hulpverleners. Die constatering leest inmiddels als de samenvatting van de “oorlogsnacht” van 2025-2026: minder verrassing, meer berusting dat dit blijkbaar bij de jaarwisseling is gaan horen.​
Ook financieel ziet Nederland ieder jaar de rekening van dit uit de hand gelopen feest. Verzekeraars ramen de extra vuurwerkschade rond oud en nieuw al jaren in de orde van tientallen miljoenen euro’s, met ongeveer 15,5 à 16 miljoen euro aan verzekerde schade voor particulieren alleen al bij de laatste jaarwisselingen. Dat bedrag zegt nog niets over de kapotte bushokjes, vernielde scholen of de extra druk op de spoedeisende hulp. Het gaat dus niet alleen om overlast, maar om een structurele aanslag op publieke ruimte, gezondheid en collectieve middelen.​
De “oorlogsnacht” laat zien hoe dun de laag van beschaving is zodra de sociale remmen wegvallen. Een deel van de jongeren ziet de jaarwisseling als een vrijbrief om grenzen te testen, hulpverleners als tegenstander in plaats van beschermer. Tegelijkertijd zijn er talloze plekken waar oud en nieuw wél rustig en feestelijk verloopt. Precies die tegenstelling maakt de jaarwisseling zo veelzeggend: een land dat in meerderheid geweld afwijst, maar er niet in slaagt een kleine, maar luidruchtige minderheid tot de orde te roepen.
Politiek en beleid reageren voorspelbaar: strengere straffen, extra camera’s, meer bevoegdheden, een landelijk vuurwerkverbod. Dat laatste komt er vanaf de jaarwisseling 2026-2027, mede omdat eerdere jaren met een verbod tijdens corona aantoonbaar miljoenen euro’s minder schade opleverden. Maar wie alleen inzet op regels en repressie, behandelt de symptomen. De vraag achter de “oorlogsnacht” is ongemakkelijker: waarom zijn er groepen voor wie een ambulance bekogelen of een brandweerwagen in de hinderlaag lokken een aantrekkelijk tijdverdrijf is geworden​
Op ultrarechts wordt angstvallig gehoopt dat het allemaal aan links ligt. Maar bekijk de plaatjes: het is hollands glorie dat oorlog voert.
De jaarwisseling is daarmee een spiegel. Niet alleen van falend vuurwerkbeleid, maar van breuklijnen in vertrouwen, gezag en sociale controle. Zolang geweld tegen hulpverleners wordt weggezet als “het hoort erbij” en de boosheid zich vooral uit in meer blauw op straat, verandert er wezenlijk weinig. De nacht van 31 december op 1 januari laat zien hoe Nederland ervoor staat: rijk, relatief veilig, goed georganiseerd – en toch opvallend kwetsbaar zodra de duisternis invalt en de lonten aangestoken worden.
loading

Loading