Een groep in het zwart geklede
jongeren die 'Sieg Heil' scandeert voor een hotel vol joodse tieners: het beeld uit het Bulgaarse Bansko ging heel Europa over. Maar ging het ook zo?
Twee weken kamp, één nacht die telt
In de nacht van zondag 2 op maandag 3 augustus, rond half twaalf, verzamelde zich een groepje jongemannen voor een hotel in Bansko, aan de voet van het Pirin-gebergte. Zwarte shirts met doodshoofden, gestrekte arm, nazileuzen. Binnen zaten zo'n tweehonderd kinderen en tieners van een internationaal zomerkamp van de zionistische jeugdbeweging Bnei Akiva, begeleid door veertig stafleden. De grootste groep kwam uit Italië, vooral Rome en Milaan, allemaal vijftien en zestien jaar oud. Er waren ook Israëlische, Oostenrijkse en Nederlandse deelnemers bij.
De begeleiders stuurden iedereen naar binnen en bij de ramen vandaan. De politie kwam, de groep vertrok, de politie vertrok, de groep kwam terug en blokkeerde opnieuw de ingangen. Pas toen bleef de politie de hele nacht staan, tot de bus de volgende ochtend vertrok.
De aanvulling van het districtsbureau
Drie dagen later gaf het hoofd van het districtsbureau in Bansko een briefing met een tweede laag. In de twee weken dat de groep er verbleef, kwamen er herhaaldelijk meldingen binnen over de gasten: lawaai na elf uur 's avonds, voorwerpen die van balkons en uit ramen werden gegooid, obscene gebaren en scheldwoorden richting voorbijgangers, en het klimmen over hekken van particuliere tuinen. De hotelmanager legde een schadeclaim van 15.000 euro neer. Patrouilles waren er al meermaals langs geweest om de boel te sussen.
Volgens de voorlopige bevindingen zou de groep uit het hotel voorbijgangers hebben geprovoceerd met beledigende gebaren, vlak voordat de woordenwisseling losbarstte. De politie identificeerde tien betrokkenen: vijf Bulgaarse minderjarigen en vijf Israëlische staatsburgers. Fysiek geweld was er niet.
Wat die aanvulling wel en niet is
Twee dingen kunnen tegelijk waar zijn. Puberende kampgangers die twee weken lang een bergdorp op stelten zetten, is een reëel probleem — daar heeft het hotel een dossier van. Maar tussen 'gooien met spullen vanaf een balkon' en 'Sieg Heil roepen voor de deur' zit geen glijdende schaal. Het één is baldadigheid, het ander is een politieke leus met een adres.
De burgemeester van Bansko noemde het geheel een gewone woordenwisseling tussen jongeren en benadrukte dat de skiplaats geen
antisemitisme kent. Het incident stond ook in geen enkel politierapport van die dag, terwijl de Bulgaarse joodse organisatie Sjalom het bureau in Blagoevgrad al op 2 juli per brief over het kamp had ingelicht. Europa hoorde ervan via Italiaanse media, niet via Bulgarije.
Het incident haalde geen enkel politierapport van die dag. Europa hoorde het van Italiaanse kranten.
Diplomatiek gedoe en een openbaar ministerie
De Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken eiste opheldering, de voorzitter van de Joodse Gemeente van Rome sprak van kinderen die niet vrij door Europa kunnen reizen. Bulgarije veroordeelde het antisemitisme in scherpe bewoordingen. Het dossier ligt inmiddels bij het regionale openbaar ministerie, dat onderzoekt of er sprake is van hooliganisme en aanzetten tot haat. Omdat de Bulgaarse betrokkenen minderjarig zijn, schuiven ook jeugdinspecteurs aan.
Wat er nog ligt is de vraag die de briefing juist niet beantwoordde: wie riep die leuzen, en waarom kwamen ze terug nadat de politie was weggereden.
De vergelijking met de Tel Aviv-rellen in Amsterdam dringt zich op. Ook toen ging eerst een groep Israëliërs vechtend door Amsterdam en beledigde daarbij moslimjongeren En pas daarna waren er incidenten die antisemitisch genoemd kunnen worden.
Feitenkader
- Datum: nacht van 2 op 3 augustus 2026
- Plaats: Bansko, Zuidwest-Bulgarije (aanvankelijk gemeld als Sofia)
- Kamp: Bnei Akiva, circa 200 deelnemers en 40 begeleiders, midden juli tot 3 augustus
- Betrokkenen incident: vijf Bulgaarse minderjarigen, vijf Israëlische staatsburgers
- Geen fysiek geweld; dossier bij het regionale openbaar ministerie
Meer weten?