Lekkerdere stamppot met deze simpele kooktruc — maar let op het zou

tips
download (2)
Het stamppotseizoen is bijna begonnen. Boerenkool, hutspot, zuurkool: bij de meeste mensen gaan de aardappelen nog altijd in een pan kraanwater met een snufje zout. Dat kan smaakvoller. Kook ze in bouillon en de stamppot is al op smaak voordat je de stamper pakt. Alleen heeft die truc een keerzijde die zelden wordt genoemd.

Wat er in de pan gebeurt

Tijdens het koken nemen de zetmeelkorrels in de aardappel water op en zwellen ze. Wat in het kookvocht zit, gaat deels mee naar binnen. Kook je in gewoon water, dan neemt de aardappel vooral smaakloos vocht op. Alle smaak moet er dan achteraf in: zout, peper, boter, melk.
Kook je in bouillon, dan zit er al smaak in de aardappel voordat je gaat stampen. Vooral het zout trekt mee, en daarmee de hartige ondertoon die stamppot nodig heeft. De fijnere aroma's van kruiden en groente dringen minder makkelijk door: daarvan heb je flink wat nodig voordat je ze echt proeft.
“De aardappel proeft vooral het zout uit de bouillon”

Welke bouillon bij welke stamppot

  • Groente- of kruidenbouillon: past bij lichtere stamppotten, zoals rauwe andijvie.
  • Runderbouillon: geeft een diepe smaak die goed samengaat met boerenkool en hutspot.
  • Kippenbouillon: de veilige middenweg voor bijna elke stamppot.

De keerzijde: zout

Hier wringt het. Een gewoon bouillonblokje van 10 gram bevat bijna 5 gram zout. Kant-en-klare bouillon komt uit op zo'n 2,5 gram zout per soepkom. Het advies voor volwassenen is om niet meer dan 6 gram zout per dag binnen te krijgen.
Het grootste deel van het kookvocht giet je weliswaar af, maar wie daarna nog royaal zout strooit, zit al snel te hoog. De truc werkt dus pas echt als je de zoutpot daarna laat staan.
Kies daarom een zoutarme bouillon, of los het blokje op in meer water dan de verpakking aangeeft. Proef pas na het stampen of er nog zout bij moet. Vaak is het antwoord: nee.
“Laat na het stampen de zoutpot gewoon staan”
Zout in bouillon op een rij
  • Bouillonblokje (10 gram): bijna 5 gram zout
  • Kant-en-klare bouillon, één soepkom (250 gram): circa 2,5 gram zout
  • Zoutarme varianten: een fractie daarvan
  • Maximaal advies voor volwassenen: 6 gram zout per dag

Zo maak je het: boerenkool met bouillonaardappelen

Voor 4 personen:
  • 1,2 kilo kruimige aardappelen
  • 600 gram gesneden boerenkool
  • circa 0,75 liter zoutarme groente- of runderbouillon
  • 100 ml warme melk
  • 30 gram roomboter
  • 1 eetlepel grove mosterd
  • peper en nootmuskaat
  • eventueel een (vega)rookworst
Schil de aardappelen en snijd ze in gelijke stukken. Leg ze in een grote pan en giet er koude of lauwe bouillon op tot ze net onder staan. Zo garen ze gelijkmatiger dan wanneer je met kokend vocht begint. Leg de boerenkool erbovenop, doe het deksel op de pan en breng alles aan de kook. Laat het ongeveer 20 minuten zachtjes koken, tot de aardappelen gaar zijn.
Giet af, maar vang een kopje bouillon op. Stamp aardappelen en boerenkool fijn en roer er boter, warme melk en mosterd door. Te droog? Voeg dan beetje bij beetje van het opgevangen vocht toe. Maak af met versgemalen peper en een snuf nootmuskaat. Proef pas dan of er nog zout bij moet.

Ook met water kan het smaakvoller

Geen bouillon in huis? Doe dan een laurierblad, een halve ui of een paar takjes tijm in het kookwater. Het effect is milder, maar het scheelt een hoop zout. Zo blijft 'nooit in water' vooral een kwestie van smaak, en geen kookwet.
Meer weten?
loading

Loading