Waarom je je wasmachinedeur nooit dicht moet laten (en 5 andere dingen die je huis laten stinken)

tips
maandag, 10 augustus 2026 om 11:49
shutterstock_2574770327
Je hebt net gewassen, de trommel is leeg, en met een tevreden klap gaat de deur dicht. Netjes opgeruimd. En precies daar begint het probleem.
1. De trommel moet kunnen drogen
Een wasmachine met een dichte deur is een gesloten doos die warm en nat is. Laat je de deur na de wasbeurt openstaan, dan droogt de trommel en voorkom je dat de machine muf gaat ruiken. Hetzelfde geldt voor het doseerbakje: zet dat ook open.
De echte broedplaats is het rubber rond de trommelopening, het manchet. Daar hoopt vuil zich op, in de plooi waar je nooit kijkt. In onderzoek naar huishoudelijke wasmachines blijken juist de wasmiddellade en het deurrubber de plekken met de rijkste bacteriegroei — niet de trommel zelf.
De vieste plek in je wasmachine is niet waar de was zit, maar waar het zeepbakje zit.
Draai daarnaast één of twee keer per maand een was op 60 graden. Niet het eco-programma van 60 graden en ook niet het nieuwe eco 40-60-programma: die wassen niet lang genoeg op hoge temperatuur.
Nuance daarbij: op 30 graden overleven bacteriën de wasbeurt moeiteloos, maar het overgrote deel daarvan is onschadelijk voor gezonde mensen. Het gaat hier dus niet om ziek worden. Het gaat om de lucht die uit je machine komt.
2. De vaatwasser doet exact hetzelfde
Ook hier zijn een vies filter en vieze deurrubbers de plekken waar de geur ontstaat. Draai daarom ongeveer eens per maand een volledig heet programma, controleer het filter regelmatig, prik de gaatjes in de sproeiarmen door en neem het deurrubber mee met een sopje.
Laat vieze vaat ook niet dagenlang in een dichte machine staan te wachten tot hij vol is.
3. Het vaatdoekje dat je al drie dagen gebruikt
Natte vaatdoekjes, keukendoeken en afwassponsjes zitten vol bacteriën. Het advies is onverbiddelijk: verschoon vaatdoekjes elke dag en was ze op 60 graden. Gebruik liever een afwasborstel dan een sponsje, want in een spons blijven veel bacteriën achter. En hang natte doeken uit in plaats van ze opgefrommeld op de kraan te hangen.
4. Een afvoer die je bijna nooit gebruikt
De wasbak op zolder, de douche in de logeerkamer, de bijkeuken. In elke afvoer zit een U-bocht met water die rioollucht tegenhoudt. Gebruik je die afvoer wekenlang niet, dan verdampt dat water en heb je een open verbinding met het riool in huis.
De oplossing kost dertig seconden: laat de kraan even lopen. Voor een lange vakantie helpt een scheutje slaolie in de afvoer, want olie drijft op het water en vertraagt de verdamping.
Een muf huis is zelden vies. Het is meestal gewoon nat op plekken die droog hadden moeten zijn.
5. Het vetfilter van de afzuigkap
Vet dat maandenlang in een filter zit, gaat ranzig ruiken en verspreidt die geur over je hele keuken zodra de kap aanslaat. Haal de kap ongeveer eens per jaar open om het vuil van de schoepen te halen, en maak het permanente vetfilter regelmatig schoon in een warm sopje.
6. De wasdroger die je nooit opent
Maak na élke droogronde het pluizenfilter schoon. Bij een condensdroger komt daar nog iets bij: leeg de wateropvangbak en spoel om de paar maanden de condensor schoon. Dat is doorgaans een luikje onderin dat mensen jarenlang niet aanraken.
En dan de basis
Al het bovenstaande helpt weinig in een huis dat niet ventileert. Continu verse lucht binnenlaten en extra ventileren tijdens koken, douchen en wassen is de basis waar de rest op rust.
Feiten op een rij
Laat na de was de deur én het doseerbakje open. Draai maandelijks één of twee wassen op 60 graden, maar niet het eco-programma. Maak het deurrubber van wasmachine en vaatwasser regelmatig schoon. Verschoon vaatdoekjes dagelijks. Laat weinig gebruikte afvoeren wekelijks even doorlopen. Reinig het pluizenfilter na elke droogronde.
Meer weten?
loading

Loading