Voor sommige hardlopers is het een bijna magische ervaring. Een rondje lopen verandert ineens in een gevoel van euforie, rust en moeiteloosheid. Deze runners high wordt vaak omschreven als een natuurlijke roes. Maar waarom ervaren sommige mensen dat gelukzalige gevoel regelmatig, terwijl anderen na vijf of tien kilometer bezweet en uitgeput thuiskomen zonder in hogere sferen te geraken?
Wetenschappers weten inmiddels dat de verklaring veel ingewikkelder is dan gedacht. De bekende theorie dat endorfines verantwoordelijk zijn voor de runners high blijkt namelijk maar een deel van het verhaal.
Mix van neurotransmitters
“De runners high lijkt te worden veroorzaakt door een heel orkest aan neurochemische veranderingen in de
hersenen”, legt neurowetenschapper Daya Grant uit. “Endorfines spelen zeker een rol, maar de echte hoofdrol is waarschijnlijk weggelegd voor het endocannabinoïde systeem.”
Dat systeem produceert stoffen die lijken op de werkzame bestanddelen van cannabis. Ze helpen pijn te onderdrukken, stress te verminderen en zorgen voor gevoelens van welzijn. Tijdens een stevige duurinspanning stijgt de concentratie van deze stoffen fors.
Euforie en minder stress
Volgens Grant zijn deze lichaamseigen stoffen verantwoordelijk voor twee van de meest opvallende kenmerken van de runners high: euforie en een afname van angstgevoelens.
Daarnaast komen tijdens langere inspanningen ook andere stoffen vrij. Zo stijgt het dopaminegehalte, vaak het gelukshormoon genoemd, waardoor motivatie en concentratie toenemen. Ook noradrenaline, dat betrokken is bij alertheid en focus, speelt een belangrijke rol.
Samen zorgen deze stoffen voor een natuurlijke mentale boost zonder de bekende dip die vaak volgt op kunstmatige prikkels.
Niet alleen bij hardlopen
Wie nu denkt dat alleen marathonlopers kans maken op een runners high, heeft het mis. Vooral langdurige inspanning op matig tot stevig niveau lijkt het effect uit te lokken. Dat kan tijdens
hardlopen zijn, maar ook bij zwemmen, fietsen of andere duursporten.
“Onze hersenen lijken geëvolueerd om ons te belonen voor inspanningen die vroeger belangrijk waren voor onze overleving”, zegt Grant. “Voor onze voorouders betekende doorzetten vaak voedsel, onderdak of veiligheid. Het is logisch dat het brein daar een beloningssysteem voor ontwikkelde.”
De natuur helpt een handje mee
Ook de omgeving kan het verschil maken. Hoewel er weinig bewijs is dat een boswandeling of trailrun de hersenchemie rechtstreeks beïnvloedt, ervaren veel sporters buiten meer plezier.
Sportpsycholoog Trish Jackman wijst op het speelse karakter van hardlopen in de natuur. “Je springt over boomwortels, zoekt je weg over oneffen paden en bent voortdurend bezig met je omgeving. Dat maakt bewegen uitdagender en leuker.”
Voor wie al jaren wacht op een ontmoeting met die beroemde runners high is er dus hoop. De kans lijkt het grootst tijdens een langere inspanning die uitdagend genoeg is, maar niet zo zwaar dat je volledig wordt gesloopt. En soms helpt het om domweg minder naar je stopwatch te kijken en meer te genieten van de weg voor je neus en de omgeving om je heen.