De lancering van de eerste bemande missie naar de
maan sinds 1972 is zeker een maand uitgesteld. Bij een generale repetitie zijn meerdere problemen bij het ruimteschip aan het licht gekomen. Zo lekte vloeibare waterstof uit een leiding in het 'motorblok'. In het gedeelte waar de bemanning zit, werkte een klep niet goed. Medewerkers op de grond konden niet goed met elkaar praten, hun communicatiesysteem haperde. Dat heeft de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie
NASA dinsdag bekendgemaakt.
De eerstvolgende mogelijkheid om te lanceren is in maart, maar het is niet zeker of dat lukt. Eerst moeten de problemen worden verholpen en vervolgens is er een nieuwe generale repetitie. Pas daarna stelt de
NASA een nieuwe lanceerdatum vast.
Ramp met Challenger
Bij elke lancering wordt de raket van tevoren uitgebreid getest. "Veiligheid van de bemanning heeft de hoogste prioriteit, zodat de astronauten thuis kunnen komen aan het einde van hun missie", laat de
NASA dinsdag weten. In januari 1986 ontplofte de spaceshuttle Challenger bij de lancering, waardoor de zeven astronauten aan boord om het leven kwamen. De rubberen verzegelingen waren niet bestand tegen de kou op het lanceerplatform. De NASA wist al sinds 1977 van het gevaar en monteurs op de grond hadden gewaarschuwd, maar de top van de organisatie deed daar niets mee.
De Verenigde Staten willen in de komende jaren weer voet op de
maan zetten. Om alle systemen te testen, moeten eerst vier astronauten een rondje rond de maan vliegen en daarna terugkeren naar de aarde. Die missie, Artemis II, is nu uitgesteld. De astronauten aan boord zijn Reid Wiseman, Victor Glover en Christina Koch uit de Verenigde Staten en Jeremy Hansen uit Canada.
De maanlanding moet gebeuren met missie Artemis III. De namen van die astronauten zijn nog niet bekendgemaakt.