De brancheorganisatie van
supermarkten, het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL), heeft het kabinet een brandbrief gestuurd over een “enorme inflatiegolf” bij voedsel.
Volgens het economisch bureau van Rabobank liggen de prijzen van voedingsmiddelen eind dit jaar al zo’n vijf procent hoger dan een jaar eerder, om medio 2027 op bijna tien procent voedselinflatie uit te komen.
Supermarkten zeggen dat klanten dat in elk gangpad gaan voelen: van brood en groente tot frisdrank en snacks.
Oorlog, olie én Den Haag
Een deel van de prijsstijging wordt veroorzaakt door factoren waar Den Haag weinig greep op heeft.
De oorlog in het Midden-Oosten jaagt brandstof- en energieprijzen op, en die hogere kosten komen uiteindelijk terecht in de supermarktprijzen.
Daarnaast investeren supermarkten in duurzaamheid, gezondheid en statiegeldsystemen, wat de kostprijs verhoogt, maar volgens de sector ook minder milieubelastende producten oplevert.
Waar de supermarkten vooral boos over zijn, zijn nieuwe en geplande overheidsmaatregelen die de rekening extra verhogen.
Dit maakt je kar extra duur
In de brandbrief zet het CBL een serie maatregelen op een rij die direct in de prijzen zouden doorwerken.
- Een suikertaks op suikerhoudende dranken en producten
- Een vrachtwagenheffing voor transport
- Extra energieheffingen
- De verhoging van het minimumloon en het minimumjeugdloon
- Extra nationale regels bovenop Europese wetgeving
Volgens de supermarkten hebben al deze maatregelen één gemeenschappelijk effect: ze maken de bedrijfsvoering duurder zonder dat de klant daar direct iets voor terugkrijgt, behalve een hogere kassabon.
Het
minimumloon is sinds januari 2020 al met 39 tot 54 procent gestegen, terwijl de cao-lonen in het bedrijfsleven met 30 procent omhoog gingen.
Per 1 juli stijgt het minimumloon naar 15 euro per uur, waar dat eerder nog rond de 10 euro lag.
Minimumloon als breekijzer
De snelle loonstijging zorgt voor forse spanningen binnen het bedrijfsleven.
Grote ketens als Ahold en Jumbo zegden hun lidmaatschap bij werkgeverskoepel VNO-NCW op omdat die volgens hen te weinig tegen de minimumloongolf heeft gelobbyd.
Ook economen plaatsen kanttekeningen. Hoogleraar Arnoud Boot noemt de combinatie van hoge lonen, dure energie, hoge huren en administratieve lasten “zeer frustrerend” voor ondernemers. Retaildeskundige Paul Moers waarschuwt voor een “eindeloze inflatiespiraal”, waarin hogere lonen weer leiden tot hogere prijzen, die vervolgens opnieuw tot looneisen leiden.
De Rabobank rekent voor dat van de verwachte voedselinflatie in 2027 zo’n 0,5 tot 1 procentpunt direct is toe te schrijven aan de verhoging van het jeugdloon.
De rekening voor de consument
Ondertussen merken consumenten de prijsdruk al dagelijks in hun mandje.
In de reacties onder het artikel bij De Telegraaf schrijven lezers dat
boodschappen “onbetaalbaar” worden en geven ze voorbeelden van saladebakjes en broodjes die in korte tijd fors duurder zijn geworden.
Het kabinet zegt bereid te zijn om extra koopkrachtsteun te geven, maar het CBL vraagt vooral om een pauze in nieuw beleid dat de prijzen verder opdrijft.
Volgens de supermarkten zou die brandbrief er zonder oorlog en energiecrisis niet zijn geweest, maar is er nu alle reden om prijsverhogende maatregelen uit te stellen.
Als Rabobank gelijk krijgt, staat de Nederlander de komende anderhalf jaar voor een ongemakkelijke rekensom: ofwel minder in het karretje, ofwel meer aan het eind van de maand naar de supermarkt.