Wat je als belegger nú moet doen

Economie
zondag, 08 maart 2026 om 7:55
Generated_chart__beleggen_vs_cash_dikker
126 jaar beursgeschiedenis laat zien wat beleggers nú moeten doen: niet panikeren, maar spreiden, inflatie verslaan en hun portefeuille crisisbestendig maken.
Als je geld hebt gestoken in aandelen, zal je een zekere paniek voelen. Trump, Iran, handelsoorlog, echte oorlog, oliecrisis, het kan niet op. Toch laten 126 jaar beursgeschiedenis iets anders zien: crises komen en gaan, maar wie gespreid en gedisciplineerd belegt, komt er doorgaans beter uit dan de paniekverkoper.
De kernboodschap van het UBS Global Investment Returns Yearbook 2026 is verrassend nuchter: markten schommelen altijd, ook nu. De vraag is niet óf er een terugval komt – die komt zeker – maar hoe je ermee omgaat. Historisch gezien zijn brede aandelenindices, wereldwijd gespreid, de beste verdediging tegen inflatie en koopkrachtverlies, mits je de tijd hebt om ze hun werk te laten doen
Generated_chart__beleggen_vs_cash_dikker
Dat betekent concreet drie dingen voor de particuliere belegger.
  • Blijf weg van all‑in weddenschappen op één land of sector; de VS domineren nu, maar geen enkele markt is eeuwig winnaar.
  • Beperk de schade bij tegenslag met een mix van aandelen en obligaties; een klassiek 60/40‑portefeuille verloor in 126 jaar nooit meer dan ongeveer de helft, terwijl pure aandelen soms meer dan 70 procent onderuitgingen.
  • En wees eerlijk over inflatie: spaargeld op de rekening voelt veilig, maar verliest stilletjes waarde.
Hoe inflatie je spaargeld opeet

In de VS heeft een dollar uit 1900 nu de koopkracht van ongeveer 2,6 cent. Anders gezegd: je hebt vandaag grofweg 38 dollar nodig voor wat toen één dollar kon kopen. Tegelijkertijd leverden wereldwijd gespreide aandelen reëel gemiddeld zo’n 5 procent per jaar op, waardoor juist het belegde vermogen groeide, ondanks oorlogen, crises en bubbels.

Wat moet je dus nu doen?

Niet proberen de volgende crash te timen, maar je portefeuille zo inrichten dat je een crash overleeft. Dat betekent: breed spreiden over landen en sectoren, een rol voor obligaties en desnoods een klein ‘veilig‑gevoelhoekje’ in goud, maar geen gok op goud als wondermiddel. En vooral: accepteren dat onrust op de beurs normaal is – het is de prijs die je betaalt voor langetermijnrendement.
loading

Loading