Donald Trump gedraagt zich als een president die gelooft dat hij boven alles en iedereen staat – en precies dát is zijn politieke merk. Zijn
hoogmoed is geen bijwerking van de macht, maar de kern van zijn project, schrijft
de Suddeutsche Zeitung Hybris als regeringsstijl
Trumps omgang met internationaal recht lijkt op zijn smaak voor vergulde interieurs: hij buigt de regels naar zijn hand of sloopt ze desnoods. Juristen en waarnemers wijzen erop dat de recente Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran het toch al broze bouwwerk van het naoorlogse internationale recht verder onder druk zetten. Tegelijkertijd laat onderzoek zien dat leiders met een opgeblazen zelfbeeld geneigd zijn hun eigen status en imago belangrijker te vinden dan het landsbelang, wat de drempel tot militair avontuur verlaagt. Wie altijd denkt gelijk te hebben, ziet tegenspraak al snel als vijandschap – en internationale afspraken als hinderlijk decor.
De psychologie van politieke grootheidswaan
Psychologen beschrijven
narcisme als “gerechtigde zelfbelangrijkheid”: het diepe geloof dat je meer waard bent dan anderen en daarom meer mag. Studies tonen dat mensen met sterk narcistische trekken zich bovengemiddeld in de politiek roeren en harder polariseren: loyaliteit aan de eigen groep, vijanddenken tegenover de rest. Bij
Trump is dat zichtbaar in zijn permanente campagnehouding en in het belonen van absolute loyaliteit, terwijl critici worden bespot, gedegradeerd of publiekelijk vernederd. Het Witte Huis wordt zo minder een regeringscentrum dan een hofhouding rond één gekwetst ego.
Waarom deze hoogmoed ons allemaal raakt
Hoogmoed in de top is geen karakterfoutje, maar een risico voor de rechtsstaat – en voor de wereld. Als een president openlijk pronkt met “ik had overal gelijk” op het moment dat hij een omstreden oorlog verdedigt, schuift hij niet alleen politieke tegenstanders aan de kant, maar ook de remmen van recht en instituties. De geschiedenis laat zien dat hybris zelden van binnenuit corrigeert; meestal komt de correctie van buitenaf – via rechter, parlement, bondgenoten of kiezers. De vraag is of die tijdig genoeg ingrijpen bij een leider die er heilig van overtuigd is dat alleen hij de maat der dingen is.