Slaap je echt slechter als je 's avonds koffie drinkt? Nee, concludeert nieuwe studie

gezondheid
dinsdag, 07 april 2026 om 13:35
122115035_m
Een kopje koffie in de ochtend, na de lunch en het liefst ook nog een espressootje na het eten. De laatste jaren is vooral dat laatste koffietje onder druk komen te staan: je zou er slecht van slapen. Nieuw onderzoek toont aan dat dat waarschijnlijk wel meevalt.
Onderzoekers van de University of Bristol gingen nu eens niet mensen vragen hoeveel koffie ze drinken, maar keken naar genetische data. Dat voorkomt geheugenfouten en placebo-effecten. Met een methode genaamd Mendeliaanse randomisatie konden ze beter vaststellen wat oorzaak en gevolg is.
De uitkomst is opvallend: mensen die genetisch geneigd zijn om meer cafeïne te consumeren, slapen niet slechter en ontwikkelen ook niet vaker slapeloosheid. Wel blijken ze overdag minder slaperig en doen ze minder vaak dutjes. De bekende oppepper van koffie werkt dus precies zoals verwacht, maar zonder automatisch je nachtrust te verstoren.
Dat eerdere studies vaak wel een link vonden tussen koffie en slechte slaap, kan volgens de onderzoekers komen door andere factoren. Mensen die veel koffie drinken, hebben bijvoorbeeld vaker stress, roken meer of leven onregelmatiger. Het zijn mogelijk die gewoontes – en niet de cafeïne zelf – die de slaap verstoren.
Ook speelt een klassiek kip-en-eiverhaal: wie slecht slaapt, grijpt de volgende dag juist sneller naar extra koffie. Zo lijkt het alsof cafeïne de oorzaak is, terwijl het eigenlijk een gevolg kan zijn.

Wat je lichaam met cafeïne doet

Cafeïne werkt in de hersenen door de werking van adenosine te blokkeren, een stof die je gedurende de dag slaperig maakt. Daardoor voel je je tijdelijk wakker en alert. Maar hoe lang dat effect aanhoudt, verschilt sterk per persoon.
Genetica speelt daarin een sleutelrol. Sommige mensen breken cafeïne razendsnel af in de lever, terwijl het bij anderen langer in het lichaam blijft circuleren. Snelle 'metaboliseerders' ervaren vaak een korte maar krachtige boost, zonder dat de stof nog lang doorwerkt wanneer ze willen slapen.
Interessant is dat deze groep juist vaker cafeïne drinkt. Omdat het effect sneller uitdooft, nemen ze gedurende de dag vaker een nieuwe dosis. Tegelijkertijd hebben ze minder last van ochtenddips en middagdutjes.
Bovendien zet het lichaam cafeïne om in paraxanthine, een stof die ook stimulerend werkt. Bij snelle verwerkers ontstaat daarvan een snelle piek, wat zorgt voor langdurige alertheid overdag zonder dat de nachtrust wordt verstoord.

Geen vrijbrief voor eindeloze espresso’s

Dat betekent niet dat koffie onbeperkt zonder gevolgen is. De studie kent beperkingen, zoals het gebruik van zelfgerapporteerde slaapdata en een focus op mensen van Europese afkomst. Bovendien blijft timing belangrijk: een sterke espresso vlak voor het slapengaan kan nog steeds roet in het eten gooien.
Toch nuanceert het onderzoek een hardnekkig idee. Voor de meeste mensen lijkt cafeïne vooral een bondgenoot overdag en niet per se een vijand in de nacht. Misschien ligt de sleutel tot beter slapen dus minder in het schrappen van koffie en meer in het aanpakken van de rest van je levensstijl.
Bron: PsyPost
loading

Loading