Meer dan een eeuw geleden brak de Eerste Wereldoorlog uit en nog steeds discussiëren historici fel over de vraag wie of wat daar nu precies verantwoordelijk voor was. Wel is duidelijk dat zonder keizer Wilhelm II de geschiedenis er anders uit had gezien. De Duitse keizer belichaamde een explosieve mix van macht en gekrenkt ego, een combinatie die gevaarlijker is dan welk nieuw wapen dan ook.
Wilhelm werd groot in een hofwereld waarin niemand hem durfde tegen te spreken. Hij leed aan een lichamelijke handicap, werd door strenge ouders gedrild om te presteren en leek zijn hele leven op zoek naar erkenning als leider van een “wereldmacht”. Die drang uitte zich in dreigende taal, een agressieve vlootpolitiek en onvoorwaardelijke steun aan de harde lijn van Oostenrijk-Hongarije in de crisis van 1914. Of hij “de” schuld heeft aan het uitbreken van de oorlog, is te simpel – het was een keten van allianties, nationalisme en mobilisatieplannen – maar zijn karakter versnelde en verergerde de escalatie aantoonbaar.
Juist daar wordt de parallel met Donald Trump interessant. Ook bij Trump beschrijven politicologen en psychologen een uitgesproken narcistische persoonlijkheid: een leider die hunkert naar bewondering, allergisch is voor tegenspraak en beleid vooral beoordeelt op wat het met zijn prestige doet. De reflex om diplomatie neer te zetten als zwakte, de neiging om bondgenoten te schofferen en internationale afspraken als persoonlijke deals te behandelen, past naadloos in dat profiel.
(Why Ailing Trump Is Paranoid About Mental Decline)Het is geen 1914 en de VS is geen keizerrijk maar een gemarkeerde democratie. De overeenkomst zou kunnen worden dan een leider met psychische problemen een kettingreactie kan bevorderen met (ook voor hem) onvoorziene gevolgen.
De les van Wilhelm II is niet dat één gestoorde vorst de wereld in brand steekt, maar dat narcistische leiders in zwakke of uitgeholde instituties een enorm escalatierisico vormen. In die zin is
de gelijkenis met Trump minder een historische vergelijking dan een waarschuwing: democratie is meer dan stemmen tellen, het is ook het vermogen om een al te grote honger naar erkenning binnen veilige grenzen te houden.