Een eeuw geleden -
Engeland was nog
de wereldmacht - hadden de Engelsen er belang bij de opkomende zionistische beweging toe te staan dat joden zich vestigden in
Palestina. Dat land werd al eeuwen bewoond door
Palestijnen, die er vermoedelijk langer hebben gewoond dat de joden, die in de eerste eeuw door de Romeinen werden verdreven.
Engeland kon dat doen omdat ze heersten over de wereld. Naar hartenlust grenzen trokken in Afrika en Azie, tussen gebieden die voor de Engelsen prettig waren, maar die meestal geen etnografische, religieuze historische eenheid vormden.
(Het miljoenenbloedbad bij de scheiding van India, Pakistan en Bangladesh uit wat de Britten hadden beschouwd als Brits-Indië is daarvan een van de vele voorbeelden, zie kader onderaan). Groepen joden wilden ergens een eigen land. Heel begrijpelijk. Dankzij het antisemitisme van het christendom waren ze vrijwel nergens hun leven zeker.
Toen de Engelsen opperden dat dat joodse land in Palestina kon komen vonden de zionisten dat uiteraard fantastisch. Als mandaathouder over Palestina vanaf 1920 tot 1948 legde Groot-Brittannië de fundamenten voor wat uiteindelijk zou leiden tot de vestiging van een Joodse staat, een ontwikkeling die het Midden-Oosten tot op de dag van vandaag blijft bepalen.
De Balfour-verklaring: Een Historische Belofte
Het keerpunt kwam op 2 november 1917 met de Balfour-verklaring, waarin de Britse regering publiekelijk steun uitsprak voor "de vestiging in Palestina van een nationaal tehuis voor het Joodse volk". Deze brief van de Britse minister van Buitenlandse Zaken Arthur Balfour aan Lord Rothschild, een leider van de Britse Joodse gemeenschap, transformeerde het zionistische streven naar een Joodse staat van een droom in een door een grootmacht gesteunde realiteit.
De timing was niet toevallig. Tijdens de Eerste Wereldoorlog zochten de Britten steun van Joodse gemeenschappen wereldwijd voor hun oorlogsinspanningen. Ongeveer 40.000 Joden vochten voor Groot-Brittannië tijdens deze oorlog, en zionistische milities hielpen actief mee in de strijd tegen het Ottomaanse Rijk. Het kwam de Engelsen dus goed uit. En wat de bevolking van Palestine er van vond(die protesteerden van af het begin) was van geen belang. De joden hadden geld om de Britten te steunen, de Palestijnen niet. De Balfour-verklaring was deels een beloning voor deze diensten, maar ook een strategische zet om de Joodse steun voor de geallieerde zaak te versterken.
Dubbele Beloften en Imperiale Belangen
De Britse rol was echter vanaf het begin gekenmerkt door tegenstrijdige beloften. Naast de toezegging aan de zionisten hadden de Britten in 1916 ook de Arabieren "onafhankelijkheid" beloofd in ruil voor hun opstand tegen de Ottomanen. Tegelijkertijd verdeelden zij in het geheime Sykes-Picot-akkoord het Midden-Oosten met Frankrijk in invloedssferen. Deze dubbele agenda zou de basis leggen voor het langdurige conflict in de regio.
David Ben-Goerion, de eerste president van Israel
Het Britse Mandaat: Faciliteren van Joodse Immigratie
Na de Balfour-verklaring moedigden de Engelsen joden aan naar Palestina te komen. Tussen 1922 en 1948 groeide de Joodse bevolking van 83.000 naar meer dan 600.000, terwijl de Arabische bevolking in dezelfde periode verdubbelde van 643.000 naar ongeveer 1,2 miljoen. Palestina een leeg land? Onzin.
Hoewel de Britten periodiek restricties oplegden op Joodse immigratie, vooral na Arabisch protest, bleven zij fundamenteel het principe van een "Joods nationaal tehuis" steunen. Het mandaat verplichtte hen zelfs om "nauwe vestiging door Joden op het land" aan te moedigen. Tegelijkertijd scheidden zij in 1922 Transjordanië (het huidige Jordanië) af van het mandaatgebied, waardoor het gebied voor Joodse vestiging werd beperkt tot westelijk Palestina, maar ook een meer geconcentreerde Joodse aanwezigheid mogelijk werd. En de Engelsen stonden toe dat de joodse kolonisten zich organiseerden en bewapenden, zodat de staat Israël als embryo al bestond voor de Tweede Wereldoorlog.
Holocaust
En toen kwam de gruwelijke erfenis van 2000 jaar christelijk antisemitisme. Het Duitsland van Hitler deed een poging alle Joden in Europa uit te roeien en slaagde daar grotendeels in.
Het leidde tot grote en terechte gevoelens van schaamte en schuld bij de westerse landen. Bovendien zaten kampen in Duitsland vol met 'ontheemden': Joden die hadden weten te overleven, maar die nergens meer heen konden. Een staat Israël kwam het westen toen wel goed uit.
De Palestijnse peuter die deze week stierf omdat hij niet welkom was in Nederland
De Erfenis van 1948
Toen de Britten in mei 1948 hun mandaat beëindigden en zich terugtrokken uit Palestina, lieten zij een machtsvacuüm achter dat de Joodse leiders onmiddellijk vulden door de staat Israël uit te roepen. De Britse terugtrekking was geen neutrale daad maar het culminatiepunt van drie decennia waarin zij actief de voorwaarden hadden geschapen voor een Joodse staat.
Groot-Brittannië was, zoals een historicus het formuleerde, "de hoofdarchitect van de creatie van de zionistische staat Israël". Door politieke en militaire rechten aan één groep te verlenen terwijl de andere groep slechts civiele en culturele rechten kreeg, creëerden de Britten een fundamentele ongelijkheid die tot op heden voortduurt. Hun erfenis in Palestina illustreert hoe imperiale mogendheden door het trekken van grenzen en het maken van beloften conflicten kunnen creëren die generaties later nog steeds woeden.
Groot Israël
Het proces begon met het VN-verdelingsplan van 1947, waarin de Joodse staat een deel van Palestina kreeg toegewezen. Fanatieke zionisten streefden naar het veroveren van gebieden die volgens de Hebreeuwse Bijbel ooit Joods waren geweest. Dit streven leidde tot een voortdurend proces van gebiedsuitbreiding en -annexatie, met als keerpunten de onafhankelijkheidsverklaring in 1948, de veroveringen in de Zesdaagse Oorlog van 1967 en de huidige praktijk onder premier Netanyahu om steeds meer controle over de Westelijke Jordaanoever en de Golanhoogten te vestigen.
- In 1948, na afloop van de Britse overheersing, riepen Joodse leiders de staat Israël uit en verwierf Israël meer land dan oorspronkelijk door de VN was toegekend.
- In 1967 veroverde Israël in zes dagen de Westelijke Jordaanoever (incl. Oost-Jeruzalem), Gaza, de Golanhoogten en de Sinaï (later teruggegeven aan Egypte), waarmee het de territoriale controle verdriedubbelde.
- Sindsdien bouwde Israël duizenden nederzettingen, annexeerde delen van de Westoever en Oost-Jeruzalem, en heeft de regering-Netanyahu in kaarten recentelijk zelfs het bestaan van Palestijnse gebieden genegeerd en gebieden volledig als Israëlisch gepresenteerd, inclusief militaire controle over Gaza en de Golanhoogten. Dit bevestigt het lang bestaande streven naar een Groot-Israël, waarbij Palestijnse autonomie steeds verder wordt teruggedrongen.
Hoe Israël steeds groter werd en Palestina steeds kleiner
Hoe de Engelsen een bloedbad veroorzaakten bij de opdeling van Brits Indie
De Bloedige Opdeling van Brits-Indië
Na de Tweede Wereldoorlog verdeelde Groot-Brittannië Brits-Indië in 1947 in twee landen: India en Pakistan. Myanmar (Birma) maakte hier geen deel van uit - dat was al in 1937 als aparte kolonie afgescheiden. Bangladesh ontstond pas later, in 1971, uit Oost-Pakistan.
De Haastige Opdeling
Lord Mountbatten, de laatste Britse onderkoning, versnelde het onafhankelijkheidsproces drastisch. Hij vervroegde de datum van juni 1948 naar 15 augustus 1947, waardoor er slechts enkele maanden overbleven voor de complexe opdeling. De Britse advocaat Cyril Radcliffe kreeg minder dan veertig dagen om de grenzen tussen India en Pakistan vast te stellen, zonder enige ervaring met het gebied.
Het Geweld
De opdeling leidde tot een van de grootste humanitaire rampen van de 20e eeuw:
- Tussen de 200.000 en 2 miljoen doden, met de meeste bronnen die uitgaan van ongeveer 1 miljoen slachtoffers
- 12 tot 20 miljoen vluchtelingen die gedwongen werden te verhuizen
- Ongeveer 75.000 vrouwen werden verkracht
- Massale slachtingen waarbij zwangere vrouwen opengereten werden en baby's tegen muren kapotgeslagen
Het geweld was het ergst in Punjab en Bengalen, de twee provincies die door de nieuwe grenzen werden doorsneden.
De Britse Rol
Groot-Brittannië droeg aanzienlijke verantwoordelijkheid voor de tragedie:
- Het overhaaste vertrek maakte adequate voorbereiding onmogelijk
- Britse troepen trokken zich terug precies toen ze het hardst nodig waren
- De Boundary Commission werkte zonder expertise of adequate informatie
- Mountbatten erkende later zijn verantwoordelijkheid voor de doden[
Bangladesh
Oost-Pakistan (later Bangladesh) werd bij de opdeling gescheiden van West-Pakistan door 1.700 kilometer Indiaas grondgebied. Na jaren van discriminatie verklaarde Oost-Pakistan zich in 1971 onafhankelijk als Bangladesh, na een bloedige onafhankelijkheidsoorlog waarbij opnieuw honderdduizenden omkwamen.[12][13][14]
De Britse haast om India te verlaten, gecombineerd met onvoldoende planning en gebrek aan troepen om de orde te handhaven, creëerde de omstandigheden voor een van de grootste menselijke tragedies van de moderne geschiedenis.
Verder lezen: