Het voorjaar roept associaties op met bloesem, frisheid en nieuwe oogsten. Toch is april de mindermaand voor Nederlandse fruitminnaars. Wie bij de supermarkt of op de markt naar vers Nederlands seizoensfruit zoekt, komt bedrogen uit.
Het einde van het appel- en perenseizoen
April markeert de laatste stuiptrekkingen van het winterfruit. De
appels en peren die nu nog in de schappen liggen, komen uit koelcellen en bewaarfaciliteiten. Hun beste tijd hebben ze gehad. Verse exemplaren vind je pas weer vanaf augustus, wanneer de zomerappels rijpen.
Rabarber: de eenzame voorjaarstopper
De enige echte voorjaarsster is rabarber, die vanaf eind april zijn opwachting maakt. Strikt genomen is rabarber een groente, maar culinair behandelen we de zure rode stengels als
fruit. Tot medio juni blijft rabarber beschikbaar en vormt het de basis voor taarten, compotes en jam.
Mei: de maand van de eerste aardbeien
In mei draait alles om dat ene moment: de komst van de eerste Hollandse
aardbeien. Bij warm en zonnig weer verschijnen ze eerder, bij een koud voorjaar later. Dit markeert het echte startschot van het Nederlandse fruitseizoen na maanden van importafhankelijkheid.frankenfruit+2
De explosie komt in juni
Vanaf juni barst het seizoen los met een overvloed aan frambozen, rode bessen, kruisbessen, kersen, abrikozen, nectarines en perziken. Kersen vormen traditioneel het hoogtepunt van het Nederlandse zomerseizoen.
De beperkte beschikbaarheid in april en mei verklaart waarom veel voorjaarsrecepten uitwijken naar geïmporteerd fruit zoals citrusvruchten, mango's en ananas. Wie seizoensbewust wil eten, moet in deze maanden geduld hebben – of juist de schaarse rabarber en eerste aardbeien extra waarderen.